Aswoensdag 2021

Aswoensdag 2021

Aswoensdag datums

Aswoensdag 2021
17-02-2021
Aswoensdag 2020
26-02-2020
Aswoensdag 2019
06-03-2019
Aswoensdag 2018
14-02-2018
Aswoensdag 2017
01-03-2017

Aswoensdag is de dag waarop de Vastentijd begint. De Vastentijd is de periode van 40 dagen die voorafgaat aan Pasen. Het getal 40 staat symbool voor het aantal dagen dat Jezus in de woestijn in volledige afzondering doorbracht.

Vastenavond als afsluiter van een uitbundige periode

De avond voor Aswoensdag wordt Vastenavond genoemd. Met Vastenavond, in bepaalde regionen beter bekend als vette dinsdag, sluit de katholieke gemeenschap de carnavalsperiode als periode van uitbundigheid af en maakt men zich klaar voor de Vasten.

De start van de vastenperiode

Het kerkelijk wetboek bepaalde in 1983 dat Aswoensdag, net zoals Goede Vrijdag, als een verplichte vastendag geldt voor alle Rooms-katholieke gelovigen in de leeftijdscategorie van 18 tot 60 jaar. Elke gedoopte binnen die categorie moet zich op Aswoensdag beperken tot één volwaardige maaltijd. Ook mag er op deze dag geen vlees worden gegeten. Vroeger mocht er gedurende de volledige vastenperiode geen vlees of eieren worden gegeten. Tegenwoordig worden slechts Aswoensdag en Goede Vrijdag als verplichte vastendagen gezien.
Nochtans wordt vanuit de hogere bestuursorganen van de Rooms-katholieke kerk het aanhouden van vasten en boetedoening gedurende de volgende veertig dagen tot Pasen sterk gestimuleerd. In de toepassingsbesluiten van de Nederlandse Bisschoppen die werden genomen bij de Codex luris Canonici in 1989, werd een decreet over de vasten en boetedoening opgenomen. Hieruit kunnen we het volgende citeren: “Wij bepalen dat Aswoensdag en Goede vrijdag dagen van verplichte vasten en onthouding in spijs en drank zijn en dat verder het bepalen van de wijze van de beoefening van boete en onthouding aan het eigen geweten en initiatief van de gelovigen wordt overgelaten.”

De liturgie: het askruisje

Rooms-katholieken en ook bepaalde protestanten krijgen tijdens de viering op Aswoensdag een askruisje. De priester maakt met as een kruisje op het voorhoofd van de gelovige. Dit kruisje staat symbool voor het eindig zijn van ons bestaan hier op aarde en wijst ons op de vergankelijkheid van het leven. De kruisiging van Jezus ligt aan de basis van de krachtige symboliek van het kruis.

Binnen sommige geloofsgemeenschappen, zijnde de Oosters-Orthodoxe christengemeenschap en ook bij de leden van de Roomsch-Katholieke Kerk der Oud-Bisschoppelijke Cleresie (of de Oud-Katholieke Kerken), strooit de priester as over het hoofd van de gelovigen.

De assen die gebruikt worden voor het strooien of tekenen van het kruisje, zijn de resten van palmtakjes die worden verbrand. Deze palmtakjes werden gebruikt tijdens de rituele viering van Palmzondag in het jaar voorafgaand aan Aswoensdag. De priester verbrandt de palmtakjes net voor de eucharistieviering begint. Tijdens de viering worden ze gezegend na de homilie, waarbij de priester de wens uitspreekt dat elk aanwezige gelovige met een zuiver hart het paasmysterie kan vieren. De assen worden tenslotte nog met wijwater besprenkelt.

Bij het tekenen van het askruisje of het strooien van as over het hoofd spreekt de priester volgende woorden uit: “Gedenk, mens, dat je stof bent en tot stof zal wederkeren.” Deze zin is de vertaling van het Latijnse “Memento, homo, quod pulvis es, et in pulverem revertis.” God sprak deze woorden over het mensdom uit na de grote zondeval. De tekst is terug te vinden in het boek Genesis 3:19. Een priester kan ook volgende woorden gebruiken bij het geven van een askruisje: “Bekeer u en geloof in het Evangelie.” Deze zin is gebaseerd op de tekst van Marcus 1:15 waarbij Jezus tijdens het prediken in Galilea aan het begin van zijn openbaar leven diezelfde woorden uitspreekt.

De diepere symboliek van as

Het gebruik van assen als symbool voor boetedoening en zonde dateert al uit de vroege middeleeuwen. Wanneer zondaars toen tot een officiële boetedoening waren veroordeeld, werden bij de mannen assen gestrooid over het volledige hoofd. Zondaressen kregen enkel as over het voorhoofd gestrooid of kregen een assenkruisje op het voorhoofd. Hiermee werd het begin van hun boetetijd aangekondigd. Boetelingen mochten vanaf de bestrooiing met assen en het dragen van het boetekleed wel nog binnen in de kerk, maar ze mochten enkel nog achteraan zitten. Bovendien waren ze verplicht om na het lezen uit het evangelie, de dienst verlaten.
Ook in de Bijbel komt het gebruiken van as bij boetedoening voor. Boetelingen bestrooien zichzelf met as, als teken van berouw. Er wordt beschreven dat wie boete deed, voor een bepaalde tijd enkel een boetekleed in de vorm van een zak droeg. Het spreekwoord ‘in zak en as zitten’ zou van dit gebruik afgeleid zijn.

Het bestrooien met as werd in eerste instantie enkel toegepast bij veroordeelde zondaars, maar evolueerde later tot een ritueel die bij elke gelovige werd toegepast. Men geloofde namelijk dat elk mens wel eens zondigt, tegenover God of tegenover zijn naasten. Paus Gregorius de Grote, die als kerkvorst regeerde van 590 tot 604, was de eerste die de term ‘Aswoensdag’ gebruikte om het begin van de vastenperiode aan te kondigen. In 1091 droeg paus Urbanus II elke kerk op om dit ritueel te gaan toepassen. Het was nog wachten tot de twaalfde eeuw op de regel die door Rome werd uitgevaardigd, om de palmtakjes die werden gewijd in de paasviering te verbranden en deze assen te gebruiken op Aswoensdag.

Naast de symboliek van de boetedoening staan de assen ook symbool voor vruchtbaarheid en nieuw leven. Landbouwers weten als geen ander dat een stuk braakliggend land laten afbranden er voor zorgt dat de grond terug vruchtbaar wordt en dat er zo plaats vrijgemaakt wordt voor het telen van nieuwe gewassen. Tegelijk hebben assen ook een reinigende kracht. In vroegere tijden gebruikten huisvrouwen zelfs as om er de was mee te doen.

Op Aswoensdag wil men dus eerst nadenken over de dood en stilstaan bij de vergankelijkheid van het leven. We bezinnen ons over onze zonden en tonen berouw. Daarna kijken we vooruit dankzij de reinigende kracht van de assen en hebben we aandacht voor de nieuwe kansen die het leven ons biedt. De aankomende veertigdagentijd is een periode waarin gelovigen zich hierover kunnen bezinnen. De gemeenschap van christenen zoekt hiervoor inspiratie in de Bijbel.

Aswoensdag en bijzondere gebruiken in bepaalde regio’s

Het is al sinds jaar en dag een traditie in de streek van Antwerpen om op Aswoensdag pruimentaart te eten. In het werk van auteur Felix Timmermans kunnen we immers het lezen dat er op Aswoensdag ‘na het noenmaal zwarte vlaai met gedroogde pruimenmoes’ op het menu stond. In onze moderne tijden staat pruimenvlaai bekend als een ware delicatesse en is het een meer dan gewaardeerd streekproduct. Maar indertijd was pruimentaart iets voor de armen. Vandaar waarschijnlijk dat er tijdens de vastenperiode pruimentaart werd gegeten: eenvoudige kost als teken van soberheid.

Een ander gebruik dat zich in Nederland voordoet, is het haringhappen. Met deze traditionele lekkere hap wil men de carnavalsperiode afsluiten en het officiële begin van de veertig dagen van soberheid inluiden. Op Aswoensdag eet men traditioneel geen vlees. Een haring uit het vuistje zag men als een waardig alternatief.